Wat is Diabetes?

Wat is een zorgprogramma?

U neemt deel aan een zorgprogramma. Dit kan een zorgprogramma zijn voor COPD, hart- en vaatziekten (CVRM) of Diabetes. Om u beter te kunnen helpen en ondersteunen bij uw aandoening werken al uw zorgverleners samen. Zij vormen op die manier een keten. Er wordt dan ook gesproken over ketenzorg.

De betrokken zorgveleners maken afspraken  over welke zorg door wie geleverd wordt en van welke kwaliteit deze zorg moet zijn. Dit wordt vastgelegd in een zorgprogramma. Een zorgprogramma beschrijft het zorgaanbod voor een specifieke, grote groep patiënten. Het is bewezen dat deelname aan dit zorgprogramma de kwaliteit van zorg verhoogt.

Een zorgprogramma is gebaseerd op de Zorgstandaard. Hierin staan afspraken die landelijk vastgelegd zijn door beroepsgroepen en patiëntenverenigingen over hoe de zorg aan een bepaalde groep patiënen er (minimaal) uit moet zien.

De groep van zorgverleners  noemen we een zorggroep. Uw huisarts is aangesloten bij Zorggroep BeRoEmD.

COPD, CVRM en Diabetes

De zorgverleners aangesloten bij Zorggroep BeRoEmD hebben op dit moment zorgprogramma's voor patiënten met COPD, CVRM en Diabetes. Dit betekent onder meer dat er regelmatige controles bij u plaatsvinden. Ook delen wij die resultaten van uw behandeling onderling voor een goede afstemming van de zorg aan u.

Het leren omgaan met uw ziekte staat centraal in het zorgprogramma. U hebt een chronische ziekte. Dat betekent dat deze nooit meer helemaal overgaat. Daardoor kunt u bepaalde dingen niet meer doen die u voorheen wel kon doen. Het betekent doorgaans dat u uw leven moet veranderen. Dat is niet altijd makkelijk. Samen met u kijken we wat u nog wel kunt. Of deels weer zou kunnen doen.

Soms kunt u door uw manier van leven te veranderen er voor zorgen dat u minder last van uw ziekte hebt. Bijvoorbeeld door te stoppen met roken.

Welke concrete zorg gaan de zorgverleners aangesloten bij Zorggroep BeRoEmD u bieden?

In nauw overleg met u stellen ze een persoonlijk behandelplan op. We noemen dit uw "individuele zorgplan". In het zorgprogramma is onderdeel van de zorg:

  • Regelmatige controle door de huisarts en praktijkondersteuner. Ook bij uw algemeen welbevinden en klachten wordt stilgestaan.
  • Een eigen, persoonlijk zorgplan (Individueel Zorgplan, IZP) waarin alle gegevens, bevindingen en afspraken worden vastgelegd. Op die manier is alle informatie toegankelijk voor alle betrokken zorgverleners, en duidelijk vastgelegd voor u.
  • Indien gewenst ondersteuning bij het stoppen met roken.
  • Ondersteuning door andere zorgverleners die in het zorgprogramma meewerken, indien dit noodzakeijk is.
  • Doorverwijzing door de huisarts bij complicaties.

Uit wie bestaat het behandelteam in Zorggroep BeRoEmD?

Afhankelijk van het zorgprogramma dat bij uw ziekte hoort zijn er afspraken gemaakt met verschillende zorgverleners. U krijgt dus niet altijd met alle onderstaande zorgverleners te maken.

  • Uzelf, als patiënt.
  • De huisarts. Uw huisarts is eindverantwoordelijk voor uw zorg. Uw huisarts houdt altijd rekening met andere aandoeningen waarvoor u wellicht ook onder behandeling bent.
  • De praktijkondersteuner, werkzaam in uw huisartsenpraktijk. De praktijkondersteuner is de spil in de ketenzorg. U hebt met uw praktijkondersteuner het meeste contact over uw individuele zorgplan. De praktijkondersteuner voert een aantal vastgelegde behandelingen en controles uit. Dit gebeurt namens de huisarts en onder diens verantwoordelijkheid.
  • De oogarts.
  • Overige specialisten. Afhankelijk van uw chronische ziekte kan dit bijvoorbeeld de internist, longarts, cardioloog, nefroloog of neuroloog zijn. De specialist kan eventueel ingeschakeld worden als zich complicaties voordoen.
  • De diëtist, voor voeding- en leefstijladviezen en begeleiding.
  • De gespecialiseerde pedicure. Indien dit voor u van toepassing is, kan u  doorverwezen worden voor voetzorg naar de pedicure.
  • De podotherapeut. Indien dit voor u van toepassing is, kan u doorverwezen worden voor voetzorg naar de podotherapeut.

Regelmatig hebben deze zorgverleners onderling overleg om de zorg goed af te stemmen. Op die manier blijven alle betrokkenen op de hoogte van uw behandeling.

Diabetes algemeen

Diabetes of Diabetes Mellitus werd vroeger 'suikerziekte' genoemd.
Diabetes is een chronische ziekte, wat betekent dat deze ziekte niet te genezen is. Alleen te behandelen.
U komt dus niet meer van uw diabetes 'af'.

Bij diabetes is het lichaam niet in staat de bloedsuikerspiegel in uw bloed binnen de normale grenzen te houden.
Suiker, ofwel glucose, is de energiebron voor onze lichaamscellen.
Normaal regelt het lichaam de bloedsuikerspiegel heel nauwkeurig met het hormoon insuline. Insuline maakt de cellen open zodat glucose naar binnen kan.

Bij mensen met diabetes kan de glucose niet in de cellen komen omdat het lichaam geen insuline maakt, onvoldoende insuline maakt of omdat het lichaam ongevoelig is geworden voor insuline.

Diabetes type 1 en type 2

Bij mensen met diabetes type 1 maakt het lichaam helemaal geen insuline meer aan. Het eigen lichaam heeft namelijk de cellen die insuline maken, kapot gemaakt.
Waarom dat gebeurt, is niet duidelijk. De ziekte kan op alle leeftijden ontstaan, maar de meeste mensen met type 1 diabetes krijgen het op jonge leeftijd en is niet gerelateerd aan de leefstijl.

Bij mensen met diabetes type 2 maakt het lichaam onvoldoende insuline aan of is het lichaam ongevoelig geworden voor insuline.
Vroeger kwam diabetes type 2 vooral voor bij oudere mensen. Daarom werd het 'ouderdomssuiker' genoemd.
Maar tegenwoordig krijgen mensen diabetes type 2 op steeds jongere leeftijd. Dit heeft te maken met onze manier van leven: te veel, te zoet en te vet eten en weinig bewegen.

Volksziekte

Diabetes type 2 wordt gezien als een volksziekte die naar verwachting de komende jaren explosief zal toenemen.
Op dit moment hebben 740.000 mensen diabetes. Ieder jaar komen er 70.000 patiënten bij.
Minstens 250.000 mensen hebben diabetes, maar weten het nog niet. De diagnose is bij hen nog niet gesteld.

Risico op diabetes

Niet iedereen heeft een even grote kans om diabetes type 2 te krijgen.
Voor de een is het risico hoger dan voor de ander. Dat is geen kwestie van toeval.
Er zijn risicofactoren die de kans op het krijgen van diabetes vergroten:

  • 45 jaar of ouder zijn
  • overgewicht
  • weinig bewegen
  • hoge bloeddruk
  • eerder een hoog bloedsuikergehalte gehad hebben
  • familieleden met diabetes, zoals vader, moeder, broer, zus of kind
  • afkomst: zoals Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Hindoestaanse afkomst

Bij sommige bevolkingsgroepen komt diabetes naar verhouding vaker voor dan bij autochtone Nederlanders. Diabetes komt 3 tot 6 keer zoveel voor bij mensen van Turkse, Marokkaanse en Surinaamse afkomst. Mensen van Hindoestaans-Surinaamse afkomst hebben een nog groter risico. Vrouwen lopen meer risico dan mannen.

Onderwerpen
Kans verkleinen
Leven met diabetes
Zelfmanagement
Links

Website gebouwd door Webparking